Een eenvoudig stappenplan om uw oogdruppels juist en veilig toe te dienen
Oogdruppels worden voorgeschreven bij uiteenlopende situaties, van droge ogen en infecties tot het verlagen van de oogdruk bij glaucoom. Ze werken alleen goed als ze ook echt in het oog terechtkomen en lang genoeg inwerken. Een verkeerde techniek zorgt ervoor dat een groot deel van de druppel verloren gaat. Met een paar eenvoudige stappen haalt u veel meer uit uw oogdruppels.
Druk na het druppelen met een vinger zachtjes op de binnenhoek van het oog, bij de neus, en houd dit ongeveer een minuut aan. Zo voorkomt u dat de druppel meteen via het traankanaal wegloopt en blijft er meer in het oog. Dep eventueel overtollig vocht weg met een schone tissue. Deze kleine stap maakt het verschil tussen een druppel die werkt en een die meteen verdwijnt.
Gebruikt u verschillende soorten oogdruppels, wacht dan ongeveer vijf tot tien minuten tussen elke soort. Zo spoelt de ene druppel de andere niet weg. Moet u ook een oogzalf gebruiken, breng die dan als laatste aan, want zalf vertroebelt het zicht tijdelijk. Volg altijd de volgorde en de timing die uw oogarts of apotheker u meegeeft.
Vindt u het lastig om te druppelen, bijvoorbeeld door trillende handen of een minder vaste hand, dan kan liggend druppelen helpen, of u laat iemand u assisteren. Er bestaan ook hulpstukjes die het flesje stabiel houden. Lukt het echt niet of twijfelt u over uw techniek, vraag dan raad aan uw oogarts of apotheker. Komt uw klacht ondanks de druppels niet onder controle, lees dan wanneer naar de oogarts en bekijk de pagina behandelingen.
Vragen over uw oogmedicatie? Vind een oogarts bij u in de buurt →